Ahmadiyya Moslim Gemeenschap

Nederland

Persberichten

Boko Haram, in strijdt met de Islam

In naam van Allah, de Barmhartige, de Genadevolle 

AHMADIYYA MOSLIM MEDIA BUREAU

Tel: 06-27298830


16 mei 2014

Boko Haram, een terroristische groepering in Nigeria, handelt in strijdt met de Islam en het voorbeeld van de Heilige Profeet Mohammad (mogen de vrede en de zegeningen van Allah met hem zijn)

Boko Haram is een terroristische groepering in Nigeria, die zich moslim noemt. Hun Islam is slechts de naam van Islam, die afwijkt van de oorspronkelijke leer van de Islam. Deze extremistische middeleeuwse “geleerden” misleiden de meerderheid van de moslims en niet-moslims. De media mag deze groepering geen “Islamitische” of “Moslimse” extremisten of terroristen noemen, omdat Islam vrede en veiligheid betekent en Boko Haram ver verwijderd is van God en van de mooie leerstellingen van de Heilige Koran en van de praktijk van de Heilige Profeet Mohammad (mogen de vrede en de zegeningen van Allah met hem zijn). Religieus extremisme of terrorisme is nooit een ware afspiegeling van de religie. Deze terroristische groepering heeft zelfzuchtige motieven en doen dit in naam van de Islam.

Zij maken ook misbruik van het woord Jihad wat zeker niet betekent:

(1) Het plegen van zelfmoordaanslagen;

(2) Het om het leven brengen van onschuldigen;

(3) Het vernietigen van eigendommen;

(4) Het creëren van angst en vrees bij medeburgers;

(5) Het voeren van strijd om zelfzuchtige, politieke  en economische beweegredenen. 

Jihad betekent juist: 

(1) Het zich een uiterste inspanning getroosten voor innerlijke geestelijke zuivering;

(2) Het overbrengen van de leerstellingen van de Islam op een vreedzame wijze;

(3) Fysieke strijd ter zelfverdediging en ter verdediging van de vrijheid van godsdienst tegen een agressieve vijand. Deze fysieke strijd is echter onderworpen aan een strikte gedragscode. 

De Islam was vanaf het begin een godsdienst van vrede, liefde, broederschap en tolerantie. Om de ware leerstellingen van de Islam te ontdekken, zou men de Heilige Koran moeten bestuderen en begrijpen wat de Heilige Koran zegt en het niet moeten baseren op bijvoorbeeld de handelingen van deze terroristische groeperingen, zoals Boko Haram uit Nigeria die in strijd handelt met de mooie leerstellingen van de Heilige Koran en de praktijk van de Heilige Profeet Mohammad (mogen de vrede en de zegeningen van Allah met hem zijn).

Geweld, agressie en intolerantie zijn totaal tegengesteld aan de leer van de Islam. In de Heilige Koran vinden we verzen die een goede en vreedzame omgang prediken met iedereen, zoals Allah in de Heilige Koran vermeldt:

Allah verbiedt u niet degenen, die niet tegen u om de godsdienst hebben gevochten, noch u uit uw huizen hebben verdreven, goed te doen en rechtvaardig te behandelen. (60:9)

En als een der afgodendienaren u om bescherming vraagt, schenk hem dan bescherming dat hij het woord van Allah moge horen. Voer hem dan naar de plaats waar hij veilig is. (9:6)

De Islam bestrijdt terrorisme in al zijn vormen, omdat "de betekenissen van het woord ISLAM juist 'vrede' en 'veiligheid' zijn." Allah zegt in de Heilige Koran:

En de dienaren van de Barmhartige zijn zij die met nederigheid op aarde wandelen, en als de onwetenden hen aanspreken, zeggen zij: “Vrede!” (25:64)

De vierde Khalifa (kalief) van de Ahmadiyya Moslim Gemeenschap, Hadhrat Mirza Tahir Ahmad, heeft in duidelijke bewoordingen het standpunt van de Islam uiteengezet. Hij zei: “Islam verwerpt en veroordeelt iedere vorm van terrorisme ten stelligste. Hij verschaft geen dekmantel of rechtvaardiging voor welke daad van geweld dan ook, of deze wordt begaan door een individu, een groep of een regering.... Ik veroordeel krachtig alle daden en vormen van terrorisme, omdat het mijn diep gewortelde geloof is dat niet alleen de Islam, maar geen enkele ware godsdienst, wat ook zijn naam is, geweld en het vergieten van bloed van onschuldige mannen, vrouwen en kinderen in de naam van God kan goedkeuren.” (Murder in the Name of Allah by Hadhrat Mirza Tahir Ahmad)

De Heilige Koran zegt:

….., dat wie ook een mens doodt, behalve wegens het doden van anderen of het scheppen van wanorde in het land, het ware alsof hij het gehele mensdom had gedood,……….(5:33)

De Stichter van de Ahmadiyya Moslim Gemeenschap legt dit vers als volgt uit: Wanneer een mens een ander mens onrechtvaardig doodt of iemand doodt die zich niet verzette, noch een bron van het verstoren van vrede tegen mensen was, noch wanorde stichtte in het land, is het alsof hij de gehele mensheid heeft gedood. Met andere woorden, als men iemand doodt zonder enige reden, dan is het, volgens de Almachtige God, alsof het gehele menselijke ras wordt vermoord. Dit vers maakt duidelijk dat het een grote zonde is om, zonder reden, het leven van een andere persoon te nemen. (Voordracht Chasma-e-Ma’rifat blz. 23-24: commentaar door de Beloofde Messias, Deel 2, blz. 405)

Allah zegt in de Heilige Koran in duidelijke bewoordingen:

…..”Richt geen onheil op aarde aan”……(2:12)

En doet de mensen in hetgeen hun toekomt niet te kort, noch handelt verderfelijk door onheil te stichten op aarde (26:184).

De leider van Boko Haram baseert zich kennelijk op een aantal Koranische verzen om geweld te gebruiken, maar dat is niet juist als we de verzen met de context gaan lezen: 

3:86: Hier is geen enkele sprake van geweld;

3:112: Context is geweld door niet-moslims (Er staat "als zij u bestrijden");

9:29: Context is geweld door niet-moslims (Slag bij Hunain 20.000 tegen 12.000 moslims);

48:29: Geen sprake van fysiek geweld, maar van een zuiver spirituele overwinning;

61:11: Geen sprake van fysiek geweld, maar van een zuiver spirituele overwinning.

Er wordt ook beweerd dat de ontvoerde meisjes oorlogsbuit zijn volgens de volgende verzen:

33:52 en 8:43: Maar oorlogsbuit mag alleen in reguliere oorlogssituatie. Bij de ontvoerde meisjes is hier geen sprake van.

Er wordt verder beweerd dat geweld jegens ongelovigen onder meer gelegitimeerd wordt in het volgende vers:

8:13: Context is slag bij Badr: een aanval van 1000 soldaten tegen 313 gevluchte praktisch geheel onbewapende moslims. 

De Heilige Profeet Mohammad (mogen de vrede en de zegeningen van Allah met hem zijn) kan nooit in strijd met de Heilige Koran hebben gehandeld. Zijn daden en uitspraken om geweld te gebruiken moeten dan ook worden begrepen in de context van oorlogssituaties. Toen iemand aan Aisha, de getalenteerde vrouw van de Heilige Profeet Mohammad (mogen de vrede en de zegeningen van Allah met hem zijn), vroeg naar het karakter van de Heilige Profeet Mohammad (mogen de vrede en de zegeningen van Allah met hem zijn), antwoordde zij dan ook: “Zijn karakter is conform de Koran”. 

Het internationale hoofd, de vijfde Khalifa van de Ahmadiyya Moslim Gemeenschap, Hadhrat Mirza Masroor Ahmad, zei dat er geen tegenstrijdigheid was tussen de vreedzame leer van de Islam en het feit dat tijdens de vroege jaren van de Islam enkele oorlogen werden gevoerd. Hij zei dat de oorlogen die werden gevoerd defensieve oorlogen waren, die niet alleen werden gevoerd ter bescherming van de Islam, maar ook ter bescherming van mensen van alle godsdiensten. Hij verwees naar het voorbeeld van de Slag bij Badr, waar 300 slecht toegeruste moslims een veel sterker leger dat uit wel 1.000 soldaten bestond, versloeg, en hij zei:

"Waar dit enerzijds een overwinning was voor de Islam, was het ook een tijdloze overwinning voor iedereen die wenste dat vrede in de wereld zou worden gevestigd. Het was een overwinning voor iedereen die wenst dat menselijke waarden altijd bewaard zullen blijven en het was ook een overwinning voor alle mensen die geloven dat religie een kracht is voor het goede en voor het vestigen van vrede in de wereld."

Hij verduidelijkte dat alle oorlogen in de tijd van de Heilige Profeet Mohammed (mogen de vrede en de zegeningen van Allah met hem zijn) of van zijn vier rechtgeleide opvolgers volkomen defensief van aard waren en alleen werden gevoerd om “wreedheid te beëindigen" en "vrede te vestigen". Echter, latere oorlogen gedurende de tijdperken van sommige Moslim vorsten werden gevoerd om de koninkrijken uit te breiden en om macht te verkrijgen. (Toespraak gehouden tijdens de Historische Conferentie van wereldgodsdiensten gehouden op 11 februari 2014 in de Guildhall te Londen)

De meisjes in Nigeria, overwegend Christelijk, werden ontvoerd door Boko Haram en gedwongen zich te bekeren tot de Islam, terwijl de Islam vrijheid van godsdienst voor allen benadrukt en het aan de mensen over laat de godsdienst van hun keuze te volgen. Hierover verklaart de Heilige Koran:

Er  is geen dwang in de godsdienst. Voorzeker, het juist pad is van dwaling onderscheiden; …..(2:257)

Voor u uw godsdienst, en voor mij mijn godsdienst. (109:7)

…laat daarom geloven die geloven wil en niet geloven, die niet wil…..(18:30)

Dit zijn slechts enkele van de 400 verzen uit de Heilige Koran die duidelijk maken dat er volgens de Islam er geen dwang is in het geloof. (Muhammad Zafrullah Khan, Punishment of apostacy in Islam p.58, London Mosque)

In de tijd van de Heilige Profeet Mohammad (mogen de vrede en de zegeningen van Allah met hem zijn) hebben de leiders van de afgodendienaren de Moslims met geweld tot afgoderij proberen te dwingen, maar de Heilige Profeet Mohammad (mogen de vrede en de zegeningen van Allah met hem zijn) heeft hen nooit gedwongen de Islam te aanvaarden. Vele onschuldige Moslim mannen en vrouwen werden vanwege hun geloof vervolgd, geboycot en vermoord. Dertien jaar lang heeft de Heilige Profeet Mohammad (mogen de vrede en de zegeningen van Allah met hem zijn) zijn volgelingen aangespoord om geweld niet te vergelden. Hadden de Moslims zulke standvastigheid kunnen tonen als zij onder dwang waren bekeerd? Bovendien groeide de Islam sneller in vredestijd dan tijdens de onvermijdelijke zelfverdedigingsoorlogen. Zo groeide het aantal volgelingen van de Heilige Profeet Mohammad (mogen de vrede en de zegeningen van Allah met hem zijn) tijdens het tweejarige vredesverdrag van Hudaybiyya van 1500 tot 10.000. (Muhammad Zafrullah Khan, Muhammad: Seal of the prophets, Routledge & Kegan Paul,  1980).

Vrijheid van godsdienst vormt daarom een grondbeginsel in de Islam, en dit maakt duidelijk dat godsdienst een persoonlijke aangelegenheid is tussen de mens en God. Mensen zijn vrij te geloven in welke godsdienst dan ook zonder enige bestraffing door de mens (Heilige Koran 4:138). De Islam herinnert ons er wel aan dat wij voor God verantwoordelijk zullen worden gehouden voor ons geloof en onze daden.

Boko Haram wil met dwang Sharia invoeren, maar Allah zegt in de Heilige Koran:

O, gij die gelooft, gehoorzaamt Allah en Zijn boodschapper en degenen, die onder u gezag hebben…(4:60)

De Islam roept niet op tot het stichten van een “Islamitische Staat”. Volgens de Islam is het geloof een persoonlijke zaak. Iedere Moslim wordt geacht de Islamwetten (Sharia) op zichzelf toe te passen en ernaar te leven. De Islam leert de Moslims ook de wetten van het land te respecteren en na te leven, ongeacht de vorm van het politieke systeem van het land.

Boko Haram wil de meisjes dwingen om tegen hun wil te trouwen. Dit is in strijd met de Islam. Allah zegt in de Heilige Koran: 

O, gij die gelooft, het is u niet geoorloofd, vrouwen te erven tegen haar wil, ….(4:20) 

De Heilige Profeet Mohammad (mogen de vrede en de zegeningen van Allah met hem zijn) heeft gezegd:

"De weduwe en de gescheiden vrouw mogen niet worden uitgehuwelijkt tenzij zij het bevel hiertoe hebben gegeven, en de maagd mag niet uitgehuwelijkt worden totdat haar toestemming is verkregen." (Sahih Bukhari)

Verder dreigt de leider van Boko Haram met het verkopen van de meisjes op de markt, maar Allah zegt in de Heilige Koran:

…..En dwingt uw slavinnen, terwijl zij kuis wensen te zijn, niet tot ontucht om de goederen van het tegenwoordige leven te zoeken….  (24:34)

Verder is de Islam tegen de doodstraf voor ongeloof, overspel, afvalligheid, Godslastering en homoseksualiteit. Het is betreurenswaardig om te zien hoe de Moslim geestelijken, die voorstanders zijn van deze wreedheden, hun toevlucht zoeken tot bepaalde passages in de Heilige Koran door ze uit hun verband te rukken zonder aandacht te besteden aan de historische omstandigheden onder welke bepaalde verzen werden geopenbaard.

De Heilige Profeet Mohammad (mogen de vrede en de zegeningen van Allah met hem zijn)  verhief de intellectuele en geestelijke status van de vrouwen. De Heilige Profeet Mohammad (mogen de vrede en de zegeningen van Allah met hem zijn) erkende de essentiële rol die vrouwen moesten spelen in de opbouw van de samenleving. De pré-Islamitische gewoonte om meisjes bij de geboorte te doden uit angst voor vernedering of armoede werd totaal afgeschaft door de Islam. Na het verbieden kinderen te doden (6:152), ging de Islam door met het onderwijzen van een vader dat hij zijn dochters op dezelfde manier op moest voeden als zijn zonen. Goed voor een dochter zorgen opent in feite de poort naar het paradijs voor een Moslim. De Heilige Profeet Mohammad (mogen de vrede en de zegeningen van Allah met hem zijn) legde daarom grote nadruk op het opvoeden van meisjes, door te zeggen:

“Degene die twee dochters goed heeft opgevoed, zal in het paradijs zo zijn met mij”, en hij deed zijn middelvinger en wijs­vinger naast elkaar. (Sahih Muslim)

Dat wil dus zeggen, heel dichtbij hem. Dat is een positie die iedere moslim graag wil hebben. Het is dus duidelijk dat de Islam de status van een dochter van verachting en niet gewenst naar liefhebbend en gekoesterd verhoogde. Om het respect voor een vrouw als echtgenote aan te geven zegt de Heilige Profeet Mohammad (mogen de vrede en de zegeningen van Allah met hem zijn):

De beste van jullie is degene die het beste is jegens zijn vrouw. (Tirmidhi)

In de Heilige Koran lezen wij:

Maar wie goede werken doet, hetzij man of vrouw en gelovig is, zal de hemel binnen gaan en hem of haar zal niet het geringste onrecht worden aangedaan. (4:125)

Uit dit vers blijkt duidelijk dat man en vrouw op geestelijk gebied volkomen aan elkaar gelijk gesteld zijn volgens de islamitische wet. Er wordt geen onderscheid gemaakt tussen de ziel van een man of die van een vrouw. Islam legt ook de nadruk op, dat onderwijs voor mannen en vrouwen van hetzelfde belang is, en de Heilige Profeet Mohammad (mogen de vrede en de zegeningen van Allah met hem zijn) schreef voor dat onderwijs voor beiden verplicht is. Zo zei hij:

"Het is de plicht van iedere Moslim man en iedere Moslim vrouw om kennis te vergaren." (Ibn Mājah)

Hij spoorde beiden ook aan om "kennis te vergaren, zelfs als zij hiervoor naar China moesten gaan."

In de Heilige Koran wordt vermeld:

……..”Zijn zij die weten gelijk aan hen die niet weten?” Maar alleen de verstandigen trekken er lering uit. (39:10)

Verder onderwees de Heilige Profeet Mohammad (mogen de vrede en de zegeningen van Allah met hem zijn) de moslims het volgende gebed uit de Heilige Koran:

….zeg: “O mijn Heer, vermeerder mij in kennis.” (20:115) 

Tot slot:…Om vrede te bereiken moeten wij eerst de pijn begrijpen die de Heilige Profeet Mohammad (mogen de vrede en de zegeningen van Allah met hem zijn) voelde voor de hele mensheid. Elke daad van ons en elke poging moet gericht zijn op het beëindigen van alle vormen van wreedheid. Door het ontwikkelen van ware gerechtigheid moeten wij Jihad doen tegen wreedheid zelf. Onze Jihad zal niet worden verricht door wapens, maar gewoonweg door onze gebeden voor de hele mensheid. Dit is de enige manier waarop vrede en liefde zich kunnen ontwikkelen in de samenleving." (Moslimleider roept op tot jihad tegen extremisten en onderdrukking "Gebrek aan rechtvaardigheid leidt tot meer terrorisme en sektarisme" Toespraak gehouden op 28-12-2011 door Hadhrat Mirza Masroor Ahmad)


Voor verdere informatie;

Ahmad Said Ikhlaf

Mediacontact Ahmadiyya Moslim Djamaat Nederland

Tel: 06-27298830

www.alislam.org

www.islamnu.nl  

“LIEFDE VOOR IEDEREEN, HAAT VOOR NIEMAND” 

Bij plaatsing gaarne kopie voor ons archief.