Wat is de Islamitische Jihad?

Jihad is een Arabisch woord dat betekent: streven naar een bijzonder doel. Als in de Heilige Qor’an Allah (God) de mensen oproept tot de Jihad betekent dit het zich inspannen voor een nobele zaak. Deze Jihad kan worden verricht op vele manieren, welke alle beogen vrede in de samenleving te bevorderen.

De strijd voor zelfverbetering: Deze wordt beschouwd als de grootste Jihad omdat dit de strijd is tegen onze zelfzuchtige verzoekingen, zoals hebzucht, wellust en wereldse verlangens. Deze strijd eist meer zelfdiscipline van ons, zodat wij een morele controle over onze gedachten en daden kunnen hebben.

De plicht van de moslims om de ware boodschap van de Islam over te brengen aan anderen: De Heilige Qor’an benadrukt dat deze vorm van Jihad moet worden verricht met wijsheid, tolerantie en respect voor anderen en hun geloof, terwijl hierbij het gebruik van dwang of geweld is verboden.

Het besteden van de rijkdom die men bezit om behoeftigen te helpen: Het helpen van hen die in nood verkeren, ongeacht hun kleur, geloof of ras, is een vorm van Jihad die niet alleen helpt om het lijden van de mensheid te verlichten, maar die ook sociale vrede en harmonie vestigt tussen de rijken en armen.

De defensieve strijd: De Heilige Qor’an heeft duidelijk gemaakt dat deze vorm van Jihad (welke een Jihad is van de lagere orde) alleen kan plaatshebben onder bepaalde omstandigheden. Deze omstandigheden worden beschreven in de volgende verzen van de Heilige Qor’an:

Toestemming om te vechten is gegeven aan degenen tegen wie wordt gevochten, omdat hun onrecht is aangedaan, en voorzeker heeft Allah de macht hen bij te staan – degenen die ten onrechte uit hun huizen werden verdreven, alleen omdat zij zeiden: “Onze Heer is Allah”. En indien Allah sommige mensen niet door middel van anderen tegenhield, zouden zeker kloosters, kerken, synagogen, en moskeeën waarin dikwijls de naam van Allah wordt herdacht, zijn afgebroken. (22:40-41)

Hieruit is duidelijk dat moslims alleen de wapens kunnen opnemen ter zelfverdediging als zij het slachtoffer zijn van onderdrukking, als hun situatie levenbedreigend is en als zij uit hun huizen zijn verdreven simpelweg voor het beoefenen van hun godsdienst.

In feite moeten moslims als zij worden vervolgd voor het beoefenen van hun geloof, eerst de plaats waar zij worden onderdrukt, verlaten en een nieuwe verblijfplaats zoeken.

Als zelfs in hun nieuwe verblijfplaats de onderdrukker hun levens blijft bedreigen en voortgaat hen aan te vallen met de bedoeling hen ervan te weerhouden hun godsdienst te beoefenen, dan is aan de moslims het recht gegeven om ter zelfverdediging de wapens op te nemen.

Het is belangrijk op te merken dat deze strijd alleen defensief mag zijn en niet offensief. Dit wordt in de Heilige Qor’an als volgt bevestigd:

En strijd voor de zaak van Allah tegen degenen die tegen u strijden, maar overschrijd de grens niet. Voorzeker, Allah heeft de overtreders niet lief. (2:191.)

Als de noodzaak tot een defensieve strijd optreedt, dan verschaft de Islam de moslims duidelijke instructies betreffende hetgeen wel en hetgeen niet moet worden gedaan, bijv. burgers die niet tegen moslims strijden, moeten niet worden aangevallen, bezittingen zoals gewassen of andere bronnen van voedsel en water, ziekenhuizen, weeshuizen, plaatsen van aanbidding (van alle religies) moeten niet worden verwoest, en vrouwen, kinderen, oude mensen en invaliden moeten met rust worden gelaten. Het is daarom heel duidelijk dat het doel van een dergelijke strijd het herstellen van vrede is en niet het bevorderen van agressie.

Jihad in al zijn vormen is daarom een middel om vrede in zowel onszelf, als in onze samenleving te bevorderen. Iedere actie die niet de vrede bevordert, kan daarom niet als Jihad worden bestempeld.

Wat is het standpunt van de Islam met betrekking tot terrorisme?

De Islam bestrijdt terrorisme in al zijn vormen, omdat het woord ‘Islam’ letterlijk vrede betekent. De verplichting voor de moslims om vrede te handhaven is zo diep geworteld in de Islam dat de Heilige Qor’an ware moslims als volgt beschrijft:

En de dienaren van de Barmhartige zijn zij die met nederigheid op aarde wandelen, en als de onwetenden hen aanspreken, zeggen zij: “Vrede!” (25:64)

De vierde khalifa (kalief) van de Ahmadiyya Moslim Gemeenschap, Hadhrat Mirza Tahir Ahmad, heeft in duidelijke bewoordingen het standpunt van de Islam uiteengezet. Hij zei: “Islam verwerpt en veroordeelt iedere vorm van terrorisme ten stelligste. Hij verschaft geen dekmantel of rechtvaardiging voor welke daad van geweld dan ook, of deze wordt begaan door een individu, een groep of een regering…. Ik veroordeel krachtig alle daden en vormen van terrorisme, omdat het mijn diep geworteld geloof is dat niet alleen de Islam, maar geen enkele ware godsdienst, wat ook zijn naam is, geweld en het vergieten van bloed van onschuldige mannen, vrouwen en kinderen in de naam van God kan goedkeuren.”

Wat is het standpunt van de Islam met betrekking tot gehoorzaamheid aan de wetten van het land?

In de Islam is gehoorzaamheid aan de wetten van het land een godsdienstige plicht. De Heilige Qor’an beveelt moslims om niet alleen aan Allah en de Heilige Profeet Mohammed s.a. trouw te zijn, maar ook aan het gezag waaronder zij leven. Hij verklaart:

O u die gelooft, gehoorzaam Allah en gehoorzaam Zijn Boodschapper en degenen die over u gezag hebben. (4:60).

Deze plicht is verder uiteengezet door Hadhrat Mirza Masroor Ahmad, het huidige hoofd van de over de gehele wereld verspreide Ahmadiyya Moslim Gemeenschap, die zei:

“Een ware Moslim kan nooit in haat zijn stem verheffen tegen zijn medeburgers, noch tegen het heersende gezag of de regering. Het is de verantwoordelijkheid van een ware moslim dat hij loyaal moet blijven en zich ten volle moet houden aan de wetten van het land waarvan hij een onderdaan is.” (Toespraak bij de opening van de Baitul Futuh moskee in Morden, Surrey, in oktober 2003)

NB Nummering Koranverzen: De Ahmadiyya Moslim Gemeenschap beschouwt de “tasmiyah” (“In Naam van Allah…”) als onderdeel van de Surah. De tasmiyah is daarom ook meegeteld in de nummering van de Surah. In sommige andere Korans is dit niet het geval. Hierdoor kan een vers dat hier wordt geciteerd als 10:100, in andere Korans genummerd zijn als 10:99, vers 2:257 in andere Korans als 2:256, etcetera. De tekst van alle Korans is echter dezelfde.