BEL EEN MOSLIM

24/7 ISLAM HOTLINE

Dialoog doorbreekt barrières!

 

Als het in Nederland over de godsdienst van de Islam gaat komt bij velen een negatief beeld naar boven. Een beeld dat wordt gevoed door aanslagen in Europa en gebeurtenissen in verre landen als Saoedi-Arabië en Iran. Een beeld dat niets van doen heeft met het alledaagse leven van een, zichzelf aan de ware leerstellingen van de Islam onderwerpende, Moslim in Nederland. Middels de #BelEenMoslim campagne brengen wij u graag in contact met Nederlandse moslims over het gehele land. Wij staan klaar om uw vragen over de Islam te beantwoorden en eventuele misvattingen weg te nemen.

Lees meer en download gratis:

HET ANTWOORD VAN DE ISLAM OP HEDENDAAGSE VRAAGSTUKKEN

Het antwoord van de Islam op hedendaagse vraagstukken is een lezing gegeven in het Queen Elizabeth Il Conference Centre (London) door Hazrat Mirza Tahir Ahmad, het hoofd van de internationale Ahmadiyya Moslim Gemeenschap. Gebaseerd op de leerstellingen van de Heilige Koran, betoogt de spreker het volgende:

  • Zwaarden kunnen gebieden winnen, maar niet harten. Kracht kan hoofden buigen, maar niet gedachten;
  • De rol van vrouwen is niet die van bij vrouwen in harems noch die van een gezelschap dat gevangen is tussen de vier muren van hun huizen;
  • Rijke naties verschaffen hulp onder voorwaarden en toch blijft de rijkdom stromen in de richting van de rijken terwijl de armen dieper in het rood zinken;
  • Religie behoeft niet de overheersende wetgevende autoriteit te zijn in de politieke aangelegenheden van een staat;
  • Ongeacht de dooi in de Koude Oorlog, is de kwestie van oorlog en vrede niet uitsluitend afhankelijk van de betrekkingen tussen de supermachten;
  • Zonder God kan er geen vrede zijn.

24/7 ISLAM HOTLINE

Grondbeginselen van het economische stelsel, geselecteerde verzen uit de Koran

Het economische grondbegrip in de Islaam is dat het absolute eigendomsrecht van alles aan God alleen behoort. Het wettelijke eigendomsrecht van het individu, dat wil zeggen het recht op het hebben, het gebruik en de overdracht van bezit wordt erkend en beschermd in de Islaam, maar alle eigendomsrecht is ondergeschikt aan de morele verplichting dat alle fracties van de maatschappij een rechtmatig aandeel in alle rijkdom hebben. Een gedeelte van deze verplichting is wettelijk vastgelegd en wordt door wettelijke sancties gesteund, maar het grootste gedeelte wordt bereikt door vrijwille inspanningen die men zich getroost uit een verlangen om voor alle betrokkenen de grootste geestelijke en morele voordelen te behalen.

HET BESTEDEN OP DE WEG VAN ALLAH

De heffing op kapitaal die in de Heilige Qor’aan wordt voorgeschreven omschrijft haar doel door haar eigen naam “Zakaat”. Dit woord betekent “dat wat zuivert en aanmoedigt”. Door het aandeel van de gemeenschap af te trekken van alle rijkdom wordt de rest gezuiverd voor hen die gerechtigd zijn er gebruik van te maken en door de opbrengst aan te wenden voor de dienst aan de gemeenschap wordt het welzijn van de gemeenschap aanmoedigd. Zakaat is de derde zuil van de Islaam en weerspiegelt dus de belangrijkheid die de Islaam toekent aan de verantwoordelijkheid die men tegenover zijn medemensen heeft.

En houdt het gebed en betaalt de Zakaat (armenbelasting) en bidt met hen, die bidden.(2:44)

Geeft de verwanten, de behoeftigen, de reiziger wat hun toekomt. Dat is het beste voor degenen die het Aangezicht van Allah zoeken. Dezen zijn het die zullen slagen.(30:39)

En van hun rijkdommen was een deel voor de bedelaars en ook voor degenen die niet konden bedelen.(51:20)

En degenen in wier rijkdommen een vastgesteld deel is voor de bedelaar en voor hem die niet bedelen kan.(70:25-26)

De aalmoezen zijn alleen voor de armen en de behoeftigen en voor degenen die daarbij werkzaam zijn en voor degenen wier hart verzoend is*) en voor de slaven en voor degenen die schuld hebben en voor de zaak van Allah en voor de reiziger: dit is een gebod van Allah. En Allah is Alwetend, Alwijs.(9:60)

O gij die gelooft, geeft van hetgeen Wij u hebben geschonken, voordat de dag komt, waarop er noch handel, noch vriendschap, noch voorspraak zal zijn; en de ongelovigen zijn de onrechtvaardigen. (2:255)

De gelijkenis van degenen die hun rijkdommen voor de zaak van Allah besteden, is als de gelijkenis van een graankorrel die zeven aren voortbrengt, in elke aar honderd korrels. Allah vermeerdert voor wie Hij wil; Allah is Alomvattend, Alwetend. Zij, die hun rijkdommen ter wille van Allah besteden, en het besteden niet doen volgen door (anderen) te verwijten of te krenken, voor hen is er beloning bij hun Heer en zij zullen geen vrees hebben, noch zullen zij treuren. (2:262-263)

En de gelijkenis van degenen die hun rijkdommen weggeven, Allah’s welbehagen en hun ziel versterkende, is als een tuin op hooggelegen grond, die bij regen tweevoudig vruchten voortbrengt. En als er geen regen op valt, dan is dauw voldoende. Allah ziet wat gij doet. (2:266)

Zij, die hun rijkdommen dag en nacht, heimelijk of openlijk, weggeven, ontvangen hun beloning van hun Heer; zij zullen niet vrezen, noch zullen zij treuren.(2:275)

Ziet, gij zijt het die geroepen wordt ter wille van Allah (een deel van uw vermogen) te geven, maar er zijn sommigen onder u die vrekkig zijn. En wie vrekkig is, is dit slechts tegen zichzelf. Allah is Zichzelf-genoeg en gij zijt nooddruftig. En indien gij u (van de Waarheid) afwendt, zal Hij een ander volk in uw plaats brengen en dezen zullen uw gelijken niet zijn.(47:39)

*)Bijvoorbeeld zoekers naar de waarheid die hun tijd willen wijden aan de studie van de Islaam kunnen ermee worden geholpen.

De Heilige Koran over de instelling van het Kalifaat

Wij lezen in de Heilige Qor’aan in Surat-ul-Baqarah, vers 31 over de instelling van het Khalifaat het volgende: “En toen uw Heer tot de engelen zeide: “Ik wil een stedehouder op aarde plaatsen”, zeiden zij: “wilt Gij er iemand plaatsen die er onheil zal stichten en bloed zal vergieten, terwijl wij U verheerlijken met de lof die U toekomt en Uw Heiligheid prijzen? antwoorde Hij: “Ik weet wat gij niet weet”.

Het woord “Khalifa”, dat “plaatsvervanger” of “stedehouder” betekent, is afgeleid van het woord Galafa, dat betekent “hij kwam nل” of “hij kwam in de plaats van”. Het woord “Khalifa” wordt in drie verschillende betekenissen gebruikt: Ten eerste, iemand die later komt en iemand vervangt, ten tweede, een Imam of een godsdienstig hoofd, en ten derde, een heerser, regeerder of koning. Het woord wordt ook gebruikt voor iemand die vََr iemand anders komt en door de laatstgenoemde wordt opgevolgd.

Hazrat Adam, die ongeveer 6000 jaar geleden leefde wordt gewoonlijk beschouwd als de eerste mens die door God op deze aarde was geschapen. Dit gezichtspunt wordt echter niet gesteund door een grondige studie van de feiten. De waarheid is dat de wereld verschillende stadia in de schepping en beschaving heeft doorgemaakt en dat Hazrat Adam, de voorvader van het tegenwoordige menselijke ras, alleen de eerste schakel was in de tegenwoordige cyclus en niet de eerste mens in de schepping van God. Naties zijn opgekomen en ten onder gegaan, beschavingen zijn verschenen en verdwenen. Er kunnen andere Adams zijn geweest voor onze Adam, andere rassen kunnen hebben geleefd en kunnen ten onder zijn gegaan, en evenzo kunnen er andere cyclussen van beschaving zijn verschenen en verdwenen. Dit standpunt is ook ingenomen door eminente Moslim geleerden, Muhyi al-Din ibn ‘Arabi, de grote mysticus, zegt dat hij zichzelf eens in een droom zag terwijl hij een rondgang in de Ka’ba maakte. In deze droom verscheen een man voor hem die er aanspraak op maakte een van zijn voorouders te zijn. “Hoe lang geleden bent u gestorven? “vroeg ibn ‘Arabi. De man antwoordde: “Meer dan veertigduizend jaar”. “Maar deze periode is veel groter dan die welke ons van Adam scheidt “zei ibn ‘Arabi. De man antwoordde hierop: “over welke Adam spreekt u? Over de Adam die het dichtst bij u staat, of over een andere Adam?” “Toen herinnerde ik mij”, zegt Ibn Arabi, “het gezegde van de Heilige Profeet (vzmh) dat God niet minder dan 100.000 Adams heeft geschapen en sprak ik tot mijzelf: “Misschien was deze man, die er aanspraak op maakte een van mijn voorouders te zijn, een van de vorige Adams”.

Als we de periode van het nageslacht van iedere Adam op gemiddeld 7000 jaar stellen, dan moet de leeftijd van het menselijke ras op grond van het gezegde van de Heilige Profeet (vzmh) dat hier is aangehaald, op 700 miljoen jaar worden gesteld, en dit is alleen de leeftijd van het nageslacht van de Adams, terwijl geen rekening is gehouden met de rassen die mogelijk voor de schepping van de eerste Adam hebben bestaan en zijn heengegaan. In tegenstelling hiermee zien wij dat de moderne wetenschap de leeftijd van het menselijke ras op een miljoen jaar stelt.

De Beloofde Messias, de Heilige stichter van de Ahmadiyya Beweging in de Islam, heeft in een van zijn toespraken gezegd: “Wij volgen de Bijbel niet bij het standpunt dat de wereld met de geboorte van Adam begon, zes – of zevenduizend jaar geleden, en dat er hiervoor niets was en dat God toen als het ware niets deed. Ook maken wij er geen aanspraak op dat het gehele mensdom dat nu in verschillende delen van de wereld wordt gevonden de nakomelingen zijn van een en dezelfde Adam. Integendeel, wij gaan er van uit dat deze Adam niet de eerste mens was. Het mensdom bestond zelfs vََr hem, waar- op de Heilige Qor’aan zelf wijst in het vers “Ik wil een Khalifa op aarde plaatsen “. Als “Khalifa” “opvolger” betekent is het duidelijk dat de mensen zelfs vََr Adam bestonden. Daarom kunnen we niet zeggen of de oorspronkelijke bewoners van Amerika, Australië, enz. het nageslacht zijn van deze laatste Adam, of een Adam die voor hem is heengegaan”. (Deze aanhaling van de Beloofde Messias lezen wij in Al Hakam van 30 mei 1908).

Het woord “Khalifa” dat over Hazrat Adam in het aangehaalde Qor’aanvers wordt gebezigd verwijst naar het feit dat hij een overblijfsel of een opvolger was van het oude ras en door God was uitverkoren een nieuw ras tot leven te brengen. Het woord betekent ook een stedehouder van God – een Imam of leider die door God werd benoemd om een speciale opdracht te vervullen.

Men zal opmerken dat het woord “Khalifa” dat in dit Qor’aanvers wordt gebruikt de betekenis van een profeet heeft; want waarlijk spekende profeten zijn ook de “Khalifa’s” van God, die de goddelijke eigenschappen uiteenzetten in overeenkomst met de eisen van hun tijd. Het woord “Khalifa” zoals al eerder is uiteengezet, heeft in feite drie betekenissen:

Ten eerste wordt het gebruikt om een profeet van God aan te geven. Profeten zijn als het ware, de afbeeldingen van God. Hazrat Adam was in deze betekenis ook een Khalifa genoemd.
Wij lezen namelijk in de Heilige Qor’aan in hoofdstuk 38, vers 27: “O David, wij hebben u als stedehouder op aarde aangewezen”.

Ten tweede wordt het woord “Khalifa” gebruikt voor een volk dat via een ander volk komt en er voor in de plaats treedt.

Ten derde worden ook de opvolgers van een Profeet Khalifa’s genoemd omdat zij in zijn voetsporen treden en zijn wet versterken en eenheid onder zijn volgelingen handhaven.

Zo’n Khalifa kan door de mensen worden gekozen; door de Profeet worden benoemd, of rechtstreeks door God worden opgewekt als een profeet die de zaak van de voorafgaande profeet dient. Hazrat Abu Bakr was een Khalifa van de Heilige Profeet (vzmh) die door de mensen na hem was gekozen. Hazrat Mozes benoemde Aaron als zijn Khalifa toen hij de berg opging. Wij lezen in de Heilige Qor’aan in hoofdstuk 7, vers 143, namelijk:
“En Mozes zeide tot zijn broeder Aaron: “Wees mijn plaatsvervanger onder mijn volk in mijn afwezigheid en beheer wel en volg de weg der onruststokers niet”.
Hoewel Hazrat Aaron zelf een profeet was, trad hij ook op als Khalifa tijdens de afwezigheid van Mozes. Op gelijke wijze doet God soms een profeet opstaan om de volgelingen van een andere profeet te hervormen. Zo’n profeet brengt geen nieuwe wet, maar bekrachtigt alleen de bestaande wet. Omdat hij het werk van zijn voorganger uitvoert wordt hij “Khalifa” of opvolger genoemd. Hij is niet door zijn voorganger benoemd, noch door zijn volk gekozen, maar is direct door God aangesteld. Er zijn onder de Israëlieten veel van dergelijke Khalifa’s geweest. Zij waren profeten van God, maar brachten geen nieuwe wet en dienden slechts de wet van Mozes. Wij lezen hierover in hoofdstuk 5, vers 45:
“Waarlijk, wij zonden de Torah neder, waarin leiding en licht was, waarmede de profeten die gehoorzaam waren rechtspraken voor de Joden en de rabbijnen en de wetgeleerden, omdat hun de bewaking van Allah’s Boek was opgelegd en zij waren daarvan getuigen”.
Jezus was de laatste van deze Khalifa’s. Hij bracht geen nieuwe wet, zoals hij zelf zegt:
“Denk niet dat ik ben gekomen om de wet of de profeten te ontbinden, ik ben niet gekomen om te ontbinden, maar om te vervullen. Want waarlijk ik zeg u: eer de hemelen en de aarde zullen vergaan zal niet één komma of letter van de wet veranderen, totdat alles zal zijn geschied”. Dat lezen wij in Matth. hoofdstuk 5., de verzen 17 en 18.

Aan de Moslims zijn al deze drie soorten van Khalifa’s beloofd. Wij lezen namelijk in het Heilige Boek, hoofdstuk 24., vers 56: “Allah heeft aan degenen onder u die geloven en goede werken verrichten beloofd, dat Hij u hen voorzeker tot stedehouders op aarde zal stellen, zoals Hij degenen die voor hen waren tot stedehouders maakte en dat Hij de godsdienst, die Hij voor hen heeft gekozen, zeker zal bevestigen, en dat Hij hun na hun vrees, vrede en veiligheid zal geven”.

God maakte de Moslims tot erfgenamen van de aarde tijdens het leven van de Heilige Profeet (vzmh). Toen vestigde Hij na de Heilige Profeet (vzmh) het khalifaat van Hazrat Abu Bakr, Umar, Uthman en Ali, en tenslotte heeft Hij Hazrat Ahmad tot een Khalifa van de Heilige Profeet (vzmh) gemaakt in dezelfde betekenis als Hij Jezus tot Khalifa van Mozes maakte. Hazrat Ahmad heeft het profeetschap bereikt door het volgen van de voetstappen van de Heilige Profeet (vzmh) en heeft geen nieuwe wet gebracht. Hij is opgewekt om de Islam te dienen en deze over de wereld te verspreiden. De belofte van de vestiging van het Khalifaat is duidelijk en onmiskenbaar. Omdat thans de Heilige Profeet (vzmh) de enige leiding is voor de mensheid voor alle tijden, moet zijn khalifaat op de een of andere wijze in de wereld tot het einde der tijden voortbestaan.

Onze tijd heeft haar grootste geestelijke Khalifa gezien in de persoon van Hazrat Ahmad, de Beloofde Messias, de stichter van de Ahmadiyya Beweging in de Islam. Het Khalifaat is een grote goddelijke zegening. Zonder het Khalifaat kan er geen solidariteit, samenhang en eenheid onder de Moslims bestaan en zij kunnen zonder het Khalifaat geen werkelijke vooruitgang maken.

Als de Moslims geen gepaste waardering voor het Khalifaat opbrengen door onvoorwaardelijke steun en gehoorzaamheid aan hun Khalifa’s te betuigen zullen zij deze grote goddelijke gunst verbeuren en het misnoegen van God op zich laden.

De Heilige Koran over de komst van de Imam Mahdi of de Beloofde Messias

(door A.H. Akmal, Imam van de Mobarak Moskee)

In de Heilige Qor’aan, hoofdstuk 61, verzen 7 t/m 12, is geschre­ven dat Jezus zei dat na hem een Boodschapper, Ahmad genaamd, zou komen en de mensen over hem zouden zeggen “Hij moet Islam aan­vaarden”. Met andere woorden: hij wordt beschouwd als staande buiten de Islam. Allah zegt in hoofdstuk 61:10 :”Hij is het Die Zijn bood­schapper heeft gezonden met leiding (Hudaa) en met de godsdienst der waarheid (de Islam).” Men zegt dat deze verzen spreken over de Heilige Profeet Mohammad (vzmh), dus over zijn komst. Maar als men wat dieper kijkt vindt men dat hier een andere persoon wordt bedoeld, omdat Allah zegt: “Ik stuurde hem met de Hudaa, de leiding”.

Het woord Mahdi betekent letterlijk: door God geleid naar de ware godsdienst. En verder wordt gezegd: en met de gods­dienst van de waarheid (de Islam). Vers 61:8 maakt duidelijk dat hier een Bood- schapper is gestuurd aan wie God Zelf leiding gaf, maar dat de mensen hem zeggen dat hij buiten de Islam staat. Hij zal worden geroepen naar de Islam. Nu kan men hier duidelijk zien dat deze persoon een andere is dan de Heilige Profeet Mohammad(vzmh), omdat de Profeet zelf de stichter was van de Islam, en niemand hem bui- ten de Islam kan verklaren of tot de Islam kan roepen. Het is ech- ter juist dat hier in de eerste plaats de Heilige Profeet Moham­mad(vzmh) is genoemd, maar in geestelijke zin is de Imam Mahdi bedoeld omdat de Imam Mahdi een geestelijk evenbeeld van hem is.

Hazrat Aisha (ra) werd gevraagd wat het karakter van de Heilige Profeet was. Ze antwoordde: “De Heilige Qor’aan was zijn karak­ter”. Nu zien wij dat de Jamaat Ahmadiyya hetzelfde karakter laat zien. In hoofdstuk 12:109 wordt gezegd dat zij tot Allah zullen roepen, en zijn volgelingen ook Dai-illallah werk zullen doen, en niet tot de afgodsdienaren zullen behoren. Nu kunnen wij in de gehele wereld zien wie Dai-illallah werk doet. Natuur­lijk doet dit alleen de Ahmadiyya Jamaat die de volgelingen zijn van de Mahdi (alaihissalaam). Hier is dus de Mahdi (a.s) bedoeld die hetzelfde karakter laat zien. (hoofdst. Al-Jumah: verzen 3 en 4).

In Surah As-Saff was een profeet voorspeld en in Surah Al-Djumah is gezegd dat Allah de Heilige Profeet Mohammad (vzmh) onder de ongeletterden heeft gestuurd….. en Hij zal de Heilige Profeet ook zenden onder de Akharien (de mensen die na de periode van de verschijning van de Islam in de latere dagen zullen komen). Volgens het Islamitische geloof nu, komt iemand die sterft nooit meer naar de aarde terug. Hoe zal dan de Heilige Profeet Mohammad (vzmh), die 1400 jaar geleden was gestorven, onder de Akharien verschijnen? In feite wordt hier een dienaar van hem bedoeld en deze is de Beloofde Messias. Deze manier van voorspellen is in het Oude Testament ook te vinden, zoals bijvoorbeeld de voorspelling over de komst van de profeet Elia. Aan de andere kant verklaart de Heilige Qor’aan ook dat als iemand aanspraak maakt op dit ambt en die aanspraak vals is: “En indien hij (Mohammad) enige woorden in Onze Naam had uitge­dacht, dan zouden Wij hem zeker bij de rechter­hand hebben gegre­pen, en daarna zijn levensader hebben afgesneden”(69:45-48).

Als dus de Imam Mahdi en Beloofde Messias, Hazrat Mirza Ghulam Ahmad, een valse aanspraak had gemaakt en valse woorden had verteld, terwijl Allah hem dit niet had gezegd, dan zou hij dezelfde vernietigende houding van Allah hebben ontmoet die Hij de Heilige Profeet mohammad(vzmh) in de Qor’aan had beloofd. Maar wij zien met eigen ogen dat het werk van de Imam Mahdi en Beloofde Messias(a.s.) is vooruitgegaan en dat in plaats van vernietiging de hulp en de bescherming van Allah steeds met hem is gebleven.

Nu volgen enkele gezegden van de Heilige Profeet Mohammad(vzmh) om onder Bai’at te blijven en met de jamaat te zijn:

  1. Hazrat Ibne Umar (r.a.) vertelt: Ik hoorde de Profeet (vzmh) zeggen: Iemand die de band van gehoorzaamheid wegneemt zal Allah op de Dag des Oordeels in een situatie ontmoeten dat hij daarvoor geen argument heeft. En als iemand is doodgegaan en er bestaat geen Bai’at (van de Imam) dan is zijn dood zoals de dood van iemand die vََr de Islam (in ongeloof) is gestorven. In een ander verhaal wordt vermeld dat als iemand dood gaat terwijl hij de Jamaat heeft verlaten, hij een dood van jahiliyyat (als iemand die vََr de Islam in ongeloof sterft) sterft. (Muslim Kitaab Al-Amarat Baab Al-amr belazoemi Jamaat inde zahur Al-fitan).
  2. De tijd vََr de komst van de Mahdi(a.s.) in de Hadith:

“Hazrat Huzeifah, zoon van Yamaan, zei: De Heilige Profeet (vzmh) zei: wanneer 1240 jaren zullen verstrijken, zal Allah de Mahdi sturen.” (Al-Najmos Saqib vol. 2 pagina 209).

  1. De naam van zijn land:

De Heilige Profeet (vzmh) zei: “Er zal een groep mensen samen met de Mahdi (a.s.) zijn die de Jihaad (van tabliegh) in Hind zullen doen en de naam van deze Mahdi zal Ahmad zijn. (Al Najmos Saqib vol.2 pag.21)

  1. De Heilige Profeet (vzmh) zei: De Mahdi zal verschijnen in een dorp dat Kada wordt genoemd. Zeker werd volgens de plaatselijke ontwikkeling van de taal Kada eerst Islampur Qadi genoemd, dan werd dit Qadi en vervolgens Qadian.(Baharul Anwaar vol.1 pag.19)

5. Ten aanzien van de waarachtigheid van de Imam Mahdi heeft de Heilige Profeet(vzmh) tekenen vermeld: Hij zegt: “Voorwaar, er zijn twee tekenen voor onze (waarachtige) Mahdi. Deze zijn nooit eerder verschenen sinds de schepping van de hemelen en de aarde.

1) De maan zal in de eerste nacht van de maansverduistering worden verduisterd, en dit zal in de maand Ramadan gebeuren.

2) De zon zal in het midden van de Ramadan of op de middelste dag van de zonsverduistering worden verduisterd. (Dar Qutni vol.1 pag.188).

Dit was letterlijk gebeurd toen Hazrat Ahmad in 1889 aanspraak op dit ambt maakte. De verduistering van de maan en de zon vond plaats op 1311 Hijra of 1894 N.C. Dit is te lezen in de British Encyclopaedia onder 1894 N.C. in India en Amerika.

De komst van de Beloofde Messias en Mahdi(a.s.) in de Hadith.

Met de voorspelling van de komst van de Messias en Mahdi die in de Hadith staat wordt bedoeld dat een Mahdi uit de volgelingen van de Heilige Profeet (vzmh) in de latere dagen met de kleur van Jezus zal verschijnen om de geestelijk toestand van de wereld te verbet­eren. De naam zoon van Maria, die in de Hadith voorkomt is een verwij­zing naar een persoon die uit de Umma van de Heilige Pro­feet (vzmh) met de eigenschappen van, en in overeenstemming met Jezus zou komen.

  1. In het meest bekende boek van de Hadith, “Bukhari”, komt een verhaal van Hazrat Abu Hureira voor: “Hoe zal jullie toestand zijn in de tijd wanneer Ibne Maryam onder u zal verschijnen (maar u moet opletten) dat deze Imam van jullie, van onder uzelf zal zijn. (Bukhari vol.1, pagina 495, Baab Nazoel Iesa – ook te vinden in het boek Musnad Ahmad bin Hambal, vol.2, pagina 236 – gedrukt in Egyp­te).
  2. In het andere meest bekende boek van de Hadith, “Muslim”, komt weer hetzelfde verhaal voor. Hazrat Abu Hureira zegt: “Hoe zal jullie toestand zijn wanneer Ibne Maryam onder u zal nederdalen en hij als Imam uit u zelf het gebed zal leiden?”

In een ander verhaal dat na deze Hadith komt heeft Ibn Abi Zeab gezegd: “Weet u wat het woord ‘Fa Ammakom Minkom betekent?’

Dat hij als Imam uit het midden van u zal optreden. Ik zei: Wilt u dit ons vertellen? Hij zei dat de Messias volgens het Boek van uw Heer (de Heilige Qor’aan) en de Sunnah van uw Profeet (de Heilige Profeet Mohammad-vzmh-) zal optreden als Imam. (Deze Hadith komt voor in Sahih Muslim Ma Sharah Annawawi, vol.1, pag.87).

Profetieën

De aanspraken van Hadrat Mirza Ghulam Ahmad worden overtuigend gevestigd door de Heilige Qur’an, de gezegden van de Heilige Profeetsas, de geschriften van vooraanstaande Moslimgeleerden en de heiligheid en geestelijke kracht van zijn eigen leven en persoon. De beschikbare ruimte voor dit artikel staat ons niet toe om de gehele Hadith te citeren of om een uitgebreid commentaar van relevante teksten te geven, maar hieronder volgt een kort algemeen overzicht van profetieën en tekenen:

PROFETIEEN

1.    Aan het begin van elke eeuw zal een Hervormer (“Moedjaddid”) worden opgewekt (Aboe Daud, Vol. 2, p. 241). Hadrat Ahmad is de enige persoon, die verkondigde de Hervormer van de 14de eeuw van de Hidjra te zijn.

2.    De Beloofde Messias zal “Profeet van Allah” (“Nabiyollah”) worden genoemd.(Moslim, Vol. 2, p. 515).

3.    De Mahdi (” Gids “) en de Messias (” Uitverkorene “) zullen een en dezelfde persoon zijn (Ibn Majah, Vol. 2, p. 257 ).

4.    De tweede komst van Jezus zal zijn in de persoon van een Imaam van onder de Moslims zelf ( Boeghari ,Vol. 2, p 490 ).

5.    De Messias zal het zwijn doden en het Kruis breken (Boeghari, Vol. 2, p. 159 ). Dit betekent dat hij de Moslims zal redden van morele corruptie en dat hij de valse overtuigingen waarop het Christendom was gebaseerd zal onthullen.

6.    De Mahdi zal de religieuze oorlogen afschaffen  (Ibn Hanbal, Masnad, Vol. 2, p. 411).

7.    In de tijd van de komst van de Mahdi zal er een enorme toename van kennis en menging vam volkeren zijn (Tirmidhi).

8.    In die tijd,  zullen nieuwe transportmiddelen in gebruik worden genomen en kamelen zullen overbodig worden (Miskhat-ul-Masabih)

9.    Er zal een verval  zijn in het religieus geloof  en er zal niets van de Islam overblijven dan zijn naam en niets van de Koran behalve zijn tekst (Miskhat-ul-Masabih, p. 38; Kanzul Ummal, Vol. 6, p.43).

10.        De Christelijke Naties zullen de macht hebben in de wereld (Hujajil Karama, Tirimidhi en andere bronnen).

11.        Wanneer de Moslims horen over de verschijning van de Mahdi, zijn ze verplicht om ” “Bai’ah” (de belofte van trouw) te zweren, zelfs als ze hem alleen maar op hun knieen over met sneeuw bedekte bergen kunnen bereiken (Ibn Majah, Kanzul Ummal, Ibn Hanbal) Hij zal dus verschijnen in een land waar sneeuw is.

12.        In die tijd zal er een dubbele  Zon en Maanverduistering zijn in de maand Ramadam Dar Qutni, Sunan, Vol. 8, p. 188, Delhi  Ed ). dit heeft plaats gevonden op respectievelijk de 28ste en de 13 de van de maand Ramadam 1894.

13.        Hij zal 313 metgezellen hebben (Ghayat-ul-Maqsud). Dit aantal was er en hun namen zijn allemaal bewaard gebleven.

14.        Hij zal als tweeling geboren worden  (Ibn Arabi, Sharah Fasus-ul-Hakum). zijn tweeling zuster stierf vlak na zijn geboorte.

15.        Hij zal de leerstellingen van Jezus  weer ter herinering brengen (Heilige Qur’an, 61: 7).

16.        Hij zal aan twee ziekten lijden een in het  bovengedeelte en een in het onder gedeelte  van het lichaam (Tirimidhi, Vol. 2, p.38). Dit waren migraine en suikerziekte

17.        De Hadjj naar Mekka zal  verhinderd zijn (Kanzal-ul-Ummal, vol.6 p. 13). Pelgrims van de Punjab werden niet toegelaten vanwege de pest.

18.        Er zal in die tijd een pest heersen (Ikmal-ud-Din, p. 348en andere bronnen).

19.        De Messias zal verschijnen in het Oosten (Ibn Majah; zie ook de evangelieen) en

20.        Hij zal verschijnen in een plaats genaamd “kada”  (Juwahir-ul-Asrar, p. 56) Dit is de locale uitspraak van Qadian.

21.        Hij zal van Perzische afkomst zijn (Bukhari, 65: 62.1).

22.        Er zullen valse aanspraken gemaakt worden (Bukhari, Fitan; Muslim, Fitan).

23.        De Islam zal drie eeuwen voorspoed hebben, daarna zal het geloof voor duizend jaar naar de hemel opstijgen (Bukhari, Vol. 4 samengevoegd met de Heilige Qur’aan, 86: 2). Dit brengt het begin van zijn herleving naar de 14e eeuw na de Hidjrah.

TEKENEN

1.    Zijn ongeëvenaarde kennis van het Arabisch, de taal van de openbaring van de Qur’an, is een literair wonder van de eerste magnitude. Hij leerde 40 .000 basiswoorden in een enkele nacht en de meest geleerde Arabische schrijvers van zijn tijd konden niet tippen aan zijn boeken.

2.    Vele van zijn gebeden werden door GOD verhoord en duizenden van zijn voorspellingen kwamen uit.

3.    Zijn vijanden waren niet in staat om een van zijn uitdagingen aan te nemen of om zijn leerstellingen te weerleggen.

4.   Zijn leven en missie lopen nauw parallel met dat van Jezus, wiens tweede komst hij vervulde.

5.    Hij genas met de kracht van het gebed ongeneeslijke ziekten. (bijvoorbeeld, een student genaamd Abdul Karim uit Yadgir was gebeten door een hond die leed aan hondsdolheid en ontwikkelde hydrofobie nadat “inoculations” hadden gefaald. Hadrat Ahmad bad voor hem en in de nacht werd hij genezen, Dit is het enigste geval dat voor de medische wetenschap bekend is, waar een patiënt is hersteld na de “onset” van de ziekte).

6.    Hij voorspelde de epidemieën van de pest welke de Punjab en de aangrenzende provincies van India teisterde en 3.000.000 mensen doodde

7.    Hij voorspelde de aardbevingen die in april 1905 en februari 1906 duizenden doden veroorzaakten in de Punjab.

8.    Hij vertelde over nieuwe plagen die nog zouden komen (een van deze was de grote griep epidemie welke aan 20.000.000 mensen het leven kostte na de Eerste Wereldoorlog).

9.   Toen de pest rond Qadian woedde, kondigde hij aan dat niemand onder zijn dak door de ziekte zou sterven en hoewel zijn huis overvol was stierf er zelfs geen rat aan de goddelijke straf.

10.        Vele van zijn vijanden stierven zonder kinderen zoals hij over hen had voorspeld; het bekendste geval is dat van Maulvi Saadullah die nog vijftien jaar na deze voorspelling leefde zonder dat hij een kind had en wiens enige zoon die al voor de voorspelling was geboren vele jaren later ook zonder kinderen stierf.

11.        Hij profeteerde vele wereldgebeurtenissen, zoals de Russisch-Japanse oorlog, de Eerste Wereldoorlog, het tragische einde van de Tsaar van Rusland , de Tweede Wereldoorlog en ook over de Derde Wereldoorlog welke nog komen zal en de uiteindelijke overwinning van de Islam drie eeuwen vanaf toen.

12.        Hij stond bekend als een persoon die nooit iets slechts had gedaan en zijn ergste vijanden konden hem niet van zonde beschuldigen.

13.        Zoals alle ware boodschappers van GOD predikte hij tegen de misleide en irreligieuze praktijken en ideeën van zijn tijd wat tegenstand van uit alle hoeken opwekte.

14.        Zijn komst werd voorafgegaan door astronomische tekenen, waarnaar door Jezus werd verwezen (Mattheus 24: 20, 29, etc.). Het verduisteren van de Zon en de Maan vond plaats op 19 mei 1780, in Noord-Amerika en voor vele dagen in de zomer van 1783 over grote gebieden van Europa, Noord Afrika en Azië. Het vallen van de sterren van de hemel is dat unieke verschijnsel dat werd gezien op 12 en 13 november, 1833, in de Westerse “hemisphere” toen regens van tienduizenden meteorieten Ahmad’s  geboorte  en de Tweede Komst van Christus in zijn persoon aankondigde. De tekenen van de zoon des menschen is de eerder genoemde dubbele verduistering in de Ramadam. Een ander fenomeen is de heldere en wonderbaarlijke” Grote Komeet” van september, 1882.

15.        Zowel de Heilige Qur’an en de Bijbel  vertellen ons dat valse profeten (” profeten” in de zin van het Hebreeuwse en Arabische woord “Nabi”) worden vernietigd. Verscheidene bedriegers stonden op gedurende zijn leven en ontmoetten een miserabel einde. Zulke waren Dr. A.J. Dowie in Amerika en Rahmaan en Ilahi Bakhshh in India. Nog beter bekend zijn Bab in Iran, wiens volgeling Bahaullah de Bahai sekte oprichtte en Mohammad Ahmad uit Dongola, de pseudo Mahdi  uit Soedan; de eerste werd binnen 6 jaar na zijn aanspraak  door een vuurpeloton geëxecuteerd en de tweede stierf binnen 4 jaar aan tyfus.